maandag 27 oktober 2014

Natuurgerichte spiritualiteit

De titel bestaat uit slecht twee woorden, maar is toch een mond vol. Maar wat is natuurgerichte spiritualiteit eigenlijk?
Het is in ieder geval iets dat bij mij past. Iets waar ik me goed bij voel. En ik ga proberen uit te leggen wat dat ‘iets’ is. 

Natuurgericht, gericht op de natuur
Dat ben ik zeker en dit wordt steeds meer. Niet zomaar wandelen, maar echt kijken én zien. En luisteren én horen, desnoods ook ruiken en voelen. Dus de natuur ervaren. Dit kan uiteraard in het bos, in de duinen en op het strand, maar net zo goed bij het gemeenteplantsoen. De natuur is overal om ons heen.
Ik ben me bewust van de seizoenen en de veranderingen die dit met zich meebrengt.

Spiritualiteit
Dit is een lastiger woord, vooral door de zweverigheid die er omheen hangt. En dat terwijl het volgens het Wolters’ woordenboek Nederlands ‘1. Onstoffelijkheid’ of ‘2. Wijze waarom men zijn geloof beleeft’ betekent. Onstoffelijkheid duidt dan weer op ‘niet uit stof bestaande’ met een verwijzing naar de ziel. Dit zou je nog als zweverig kunnen opvatten. Maar de tweede betekenis is heel breed en voor veel mensen van toepassing. Veel mensen geloven en de wijze waarop ze dit beleven, kun je dus spiritualiteit noemen.

Wat is natuurgerichte spiritualiteit voor mij?
Als ik bovenstaande samenvoeg kom ik tot ‘de wijze waarop ik mijn natuurgerichte geloof beleef’. Ja, dat klopt wel.


Ik geloof dat alles energie is. Ik geloof dat je die energie kan voelen, dat die energie van invloed is op de omgeving (zoals edelstenen en kruiden) en dat je ook zelf energie kan sturen (denk aan het branden van een kaarsje voor iemand die wel wat kracht of hulp kan gebruiken).

Ook in de natuur is dus overal energie en die energie verandert met de seizoenen. Door mee te gaan met deze energie, door mij bewust te zijn van de seizoensveranderingen, merk ik dat het leven makkelijker is. Ik zie de winterperiode bijvoorbeeld niet meer als een opgave, als een strijd om door te komen, maar als een periode waar ik tot rust kan komen en op kan laden voor de actieve tijd die in de lente weer begint. Het is een tijd om naar binnen te gaan. Letterlijk en figuurlijk.

Verder vind ik het fijn om de maancyclus enigszins te volgen. Met afnemende maan is het tijd om op te ruimen, schoon te maken, te snoeien en projecten af te ronden. Tijdens wassende maan is het meer tijd voor groeiende zaken (net als de maan), zoals plannen uitvoeren, dingen creëren, gewassen zaaien of verplanten die bovengronds groeien.

Ik zie mijn ‘natuurgerichte spiritualiteit’ als een verrijking van mijn leven. Het maakt mij bewuster van he leven om mij heen, maar ook dankbaarder. Ik heb meer oog voor de (kleine) mooie momenten en kan tegelijk het goede zien in de mindere aspecten. Niet altijd – ik ben nog steeds een mens – maar wel steeds vaker.

Natuurgerichte spiritualiteit is iets dat in mijn hele leven doordringt. Het begon met een enkel boek. Inmiddels is het een levenswijze geworden dat – onbewust en bewust – in alle aspecten van het leven meespeelt.

Ik verwacht dat dit onderwerp in meer blogs terug zal komen. Al is het maar omdat ik het te veelomvattend vind om het in één keer uit te leggen.

Liefs, Esther

maandag 20 oktober 2014

Opnieuw de grenzen ontdekken

Een gekneusde voet kan een ingezette lijn danig doorbreken. Dat merkte ik de afgelopen twee weken aan den lijve.

Ruim een maand geleden schreef ik dat ik moeite had mijn grenzen te bewaken. Het schrijven van deze blog (link!) zorgde voor een bewustwordingsproces, waarna het mij wèl lukte om mezelf twee tot drie keer per week een middagdutje te gunnen.

En door de rust en energie, die mij dit gaf, zag ik ook weer ruimte om het wandelen en de yoga op te pakken. Twee bewegingsvormen die goed zijn voor zowel mijn lichaam als mijn geest.
Ik fiets sinds dit schooljaar zeker achttien kilometer per dag en ook dat is gezond, maar wel een eenzijdige manier van bewegen. Wandelen en yoga zijn fijne aanvullingen. En juist omdat ik nu iedere dag fiets, geef ik mezelf de vrijheid om niet elke dag te hoeven wandelen. Dat wordt gewoon te veel.
Het verbaasde mij hoe snel ik de draad weer oppakte. Heerlijk!



Twee weken geleden kwam er echter roet in het eten. In kneusde mijn voet. Wandelen zat er even niet in en ook de meeste yoga-oefeningen waren niet fijn om te doen. Bovendien zorgde de pijn ervoor dat ik even helemaal geen puf had voor dit soort dingen. En door de pijn nam mijn behoefte aan koek, chips en chocola toe. Wat baalde ik als ik me een dag hieraan toe gegeven had. Dan ging het een dag goed, maar daarna kon ik toch de verleiding niet weerstaan.
Dit keer lukte het mij echter om dit beter te plaatsen. Het was en is een vorm van troosteten en een vorm die ik liever niet wil; mijn lijf is mij dierbaar.
Ook nu weer helpt dit bewustzijn om de juiste stappen te zetten. Troost vind ik uiteindelijk maar even in chocola, maar veel meer in de buitenlucht, in een meditatie, in lekker haken. En ja, als ik dan niet kan wandelen, dan mis ik een grote vorm van troost.

Inmiddels gaat het weer wat beter met mijn voet en kan ik langzaamaan de draad van bewegen weer gaan oppakken. De wandelingen zal ik heel voorzichtig moeten opbouwen; dat geeft mijn voet wel aan. (Helaas vooral achteraf, aan het einde van de dag!) De meeste oefeningen van yoga lukken al. En met minder pijn en meer bewustzijn heb ik het vertrouwen dat het goed voeden van mijn lijf ook wel gaat lukken. De ervaring is in ieder geval goed de afgelopen dagen.

Dat wordt de komende week (of weken) weer opnieuw grenzen aftasten. Zeker in combinatie met het deze week weer opstarten na de herfstvakantie en echt herfstweer is dit zeker een uitdaging.
Deze uitdaging ga ik echter met vertrouwen aan.
Heerlijk om te voelen dat ik mijn lijf steeds meer ga leren kennen.

Groetjes, Esther

maandag 13 oktober 2014

Herfstvakantie


Deze week geniet ik van de herfstvakantie. Daarom geen uitgebreide blog, maar genieten van de vrije tijd met de kinderen.


Morgen is bijvoorbeeld Ayla's kinderfeestje. Met in totaal drie meiden naar Sneeuwwitje de Musical. Heel veel zin in!

En dan ga ik deze week ook nog - zonder kinderen - logeren bij een vriendin. Eens even lekker bijkletsen! Ook al veel zin in!


En verder doe ik rustig aan. Gewoon wat rommelen in en rond huis.
Een wandeling in het bos of op het strand zit er even niet in. Ik heb mijn voet gekneusd. Maar het binnen knus maken, filmpje kijken of een spelletje doen met de kinderen is ook niet verkeerd.
En vooral: 's ochtends rustig opstarten!

Ik ga genieten. Jullie ook?

Groetjes, Esther



maandag 6 oktober 2014

Mijn eerste rommelmarkt

Afgelopen zondag ben ik met een buurvrouw naar een rommelmarkt geweest. Nee, niet om te struinen en zelf te kopen, maar juist om te verkopen. We kwamen op dit idee dankzij de buurtrommelmarkt waar we beiden in mei aan mee deden.
 
Ik wil namelijk graag met mijn producten van Elisabeths Appelier naar de mensen toe, zodat ze kunnen zien wat ik maak en hoe het er in het echt uit ziet. “Echte” markten zijn te duur om te gaan staan. Dat haal ik er niet of nauwelijks uit met mijn verkoop en ik wil de prijzen niet duurder maken.
En dus leek een rommelmarkt mij een goede gelegenheid.


Het resultaat viel echter tegen. In tegenstelling tot de buurtrommelmarkt, waar ik nog wat zelfgemaakte spullen verkocht, heb ik nu niets verkocht uit mijn webwinkel. Wel heb ik visitekaartjes meegegeven aan geïnteresseerden, maar verkopen is toch leuker.
Ook het verkopen van “rommel” liep niet denderend. Daar had niet alleen ik, maar veel kraamhouders last van. Helaas!

‘Tja, waar ligt dat dan aan?’ gaat er sinds gistermiddag door mijn hoofd.
Heb ik niet de goede spullen? Zijn mijn prijzen te hoog? Had ik het niet mooi genoeg uitgestald?
Of was gewoon het publiek niet goed? Het publiek was beperkt; er was wel een gestage doorstroom, maar echt veel bezoekers? Nou, nee. Ook bestond het publiek vooral uit ouderen, er waren weinig kinderen en als er al kinderen kwamen, waren het vooral jongens.
Lag het aan de locatie? Bij een Fort, niet zichtbaar vanaf de weg?
 
Ik wil nog niet opgeven, maar er knaagt wel een stemmetje die zegt: ‘Is het wel haalbaar wat ik wil? Zijn er wel mensen die mijn zelfgemaakte spullen willen kopen? Moet ik niet alleen voor vrienden en familie haken, voor cadeautjes enzo?’
Ik wil echter nog niet toegeven aan dat stemmetje. Op Facebook hoor ik positieve geluiden over mijn creaties. Bovendien heb ik nog genoeg ideeën om ook andere dingen te gaan maken en al doende zullen de ideeën alleen maar blijven komen, is mijn ervaring.

Maar goed. Wat dan nu te doen?
Ga ik binnenkort naar een rommelmarkt in het buurthuis, waar de tafels iets kleiner, maar ook goedkoper zijn dan gisteren? Of ga ik, samen met de buurvrouw, naar een grootschalige rommelmarkt waar veel publiek op af schijnt te komen? De tafels zijn hier een stuk duurder, maar ook twee keer zo groot, waardoor we samen één tafel kunnen nemen. Het publiek moet hier ook entree betalen, maar is dat een nadeel of juist een voordeel?

Wat zal het worden? Ik ga er nog eens over nadenken. En als jullie ideeën hebben: kom maar op!


Groetjes, Esther

maandag 29 september 2014

Boek: 'Wijze mannen' van Susan Smit

Susan Smit schreef het boek ‘Wijze mannen’ in navolging op haar boek ‘Wijze vrouwen’ en heeft als ondertitel ‘wat we van mannen kunnen leren’.
Tja, wat kunnen we van mannen leren?
Ik ben eens nagegaan wat ik van de geïnterviewde mannen heb geleerd.

* Zonen in hun puberteit hebben een vader of ander mannelijk rolmodel nodig om te groeien van kind naar volwassene. (Ton van der Kroon)

* Blijf je ook als volwassene verwonderen om de wereld om je heen, zoek het avontuur en blijf leergierig. (Redmond O’Hanlon)

* Wees trouw aan jezelf, aan je eigen hart. Dit geeft je de ruimte om van jezelf te houden en daarmee stelt het je in staat onvoorwaardelijk van anderen te houden. (Arthur Japin)

* Als je emoties doorvoelt, transformeren ze vanzelf in een kwaliteit. Die kwaliteit kan je gebruiken om de problemen op te lossen waaruit de emoties zijn ontstaan.
Ongewenste emoties hebben een helende rol. Je moet ze dus niet wegdrukken of ontkennen, maar juist erkennen, desnoods uitvergroten. (Marinus Knoope)
(Hier wil ik nog wel wat meer over weten en ik heb dan ook twee boeken van hem op mijn wensenlijstje gezet.)
Marinus Knoope heeft trouwens een mooie levenshouding: Elke ochtend denkt hij: ‘Ik ben benieuwd wat ik vandaag allemaal zal meemaken.’ Wat dan weer past bij de wijze les van Redmond O’Hanlon.

* Geen mens is in wezen slecht. Het zijn de omstandigheden die kunnen maken dat iemand slechte dingen doet. (Max Moszkowicz)

* Volg je eigen hart, je eigen behoeftes, dat wat jij belangrijk vindt. Maak je los van de eisen en verwachtingen van de maatschappij. (Alain de Botton)

* Ga om met mensen die jou zien zitten en die jouw gedrevenheid delen.
De enige manier om te overleven is uniek zijn, maar wel een uniek zijn die bij jouw talenten en persoon past. (Joop van den Ende)

* ‘Liefde begint met liefdevol kijken naar jezelf’.
‘Ware liefde betekent de ander nemen zoals hij is met al zijn sterke en zwakke kanten.’ (Thich Nhat Hanh)

* Bij spiritualiteit draait het niet alleen om contact met het hogere (de hemel), maar ook – juist! – met de aarde. (Tijn Touber)

* ‘Je kunt niet denken én tegelijkertijd bewust zijn van je ademhaling. Bewust ademhalen zet je verstand stil. Je bent dan klaarwakker en heel alert.’ Dat is de kracht van meditatie en de kracht van zijn in het Nu. (Eckhart Tolle)


* ‘Waar we aan denken, waar we aandacht aan schenken, wordt groter en krachtiger.’
Dus niet denken aan wat je níet wilt, maar juist aandacht schenken aan wat je wél wilt. (Wayne Dyer)

* Magie heeft niets te maken met bijzondere krachten, maar juist met scheppingskracht, ook wel gedachtenkracht. (Paulo Coelho)

* ‘Een heer van stand zijn is een kwestie van innerlijke beschaving.’
‘Geluk bestaat in de kleine romantiek van het dagelijks leven.’ (Maarten Toonder)

* ‘Door het “wij tegen hen”-denken te beëindigen kun je een einde maken aan oorlog. Er is alleen “wij”, niet “zij”. Er is zelfs geen “ik”, er is alleen “wij”.’ We zijn allen verbonden en als we dit allemaal zouden voelen en erkennen, zou niemand meer een ander pijn doen. (Deepak Chopra)
Daarnaast beweert hij dat iedereen een eigen functie heeft, gebaseerd op onze talenten en verlangens, waarmee we het grotere geheel kunnen dienen.

* ‘Realiteit is meer dan de waarneembare materie van atomen en deeltjes.’ (Ervin László)


Door het boek per hoofdstuk nog eens door te nemen, heb ik er flink wat “wijze lessen” uit kunnen halen. Ik zie wel een overeenkomst tussen de lessen. Het heeft te maken met het bewust leven dat ik nastreef. Met jezelf niet verloochenen, je eigen kracht ontdekken, van jezelf houden. Als dit lukt, als je erkent dat JIJ er mag zijn, dan kan je er ook zijn voor de ander.

Liefs, Esther



maandag 22 september 2014

Voorlezen - wat lees ik zoal voor?

De meeste avonden breng ik de kinderen naar bed en daar hoort voor ons zeker voorlezen bij. Maar wat lees je voor als je drie kinderen, die variëren in leeftijd van inmiddels 8 tot bijna 13 jaar, gelijktijdig wilt vermaken?



De boeken van Carry Slee over Iris en Michiel of de boeken van Jacques Vriens over Wouter en Mieke heb ik nog heel lang voorgelezen – en nog pak ik af en toe een verhaal over een naderende feestdag erbij uit het boek ‘Nog een nachtje slapen’. Alhoewel de hoofdpersonen peuters en kleuters zijn, zitten ook de oudsten te luisteren en te lachen om de grappen.


Annie M.G. Schmidt werd ook gewaardeerd, vooral de boeken over Pluk en Abeltje. Jip en Janneke hebben de kinderen echter nooit echt leuk gevonden. Eens een keer een verhaaltje toen ze nog peuter of kleuter waren, maar zelfs dan kon het ze niet echt boeien. Toch niet zo tijdloos dus.





De boeken van Paul van Loon over Dolfje Weerwolfje en later Raveleijn zorgden zeker wel voor drie stille kinderen.
Op een gegeven moment had ik ook die uit en werden alle verhalenbundels met korte verhalen vervelend. Er was en is duidelijk behoefte aan langdurige verhalen.


Toen heb ik de gok gewaagd naar C-boeken over te stappen. (Tegen het advies van de bibliothecaresse in, want dat zou veel te moeilijk zijn, zeker voor Ayla.)
Als kind heb ik de boeken van Thea Beckman en Jan Terlouw nooit gelezen. Die las iedereen al, dus deed ik het niet, dwars als ik kon zijn. Nu, als moeder, heb ik ze – al voorlezend – alsnog gelezen.
Bij de jongste vroeg ik dan wel eens terug wat ze gehoord had. Ze kon het verhaal altijd goed navertellen, voor mij het teken dat ze het boek begreep en dat ik door kon lezen. Moeilijke woorden licht ik toe (ook voor de oudsten is dit soms nodig) en soms praten we wat over de inhoud; over wat zij zouden doen in die situatie, of hoe anders het is in vergelijking met hun leven.



Nu ben ik bezig in het derde boek van een trilogie van ieder zo’n 300 bladzijden. Het gaat over Het Huis Elfae en is geschreven door Mariëtte Aerts. Een fantastisch verhaal wat ik vorig jaar zelf heb gelezen (zie mijn boekrecensie). En ook nu kijken ze er weer naar uit als ik verder lees, omdat ze willen horen hoe het verhaal verder gaat.




Voorlezen, een gezellig, knus moment, een mooi moment om met de kinderen de dag samen af te sluiten.


Hoe doen jullie dat?
Wat lezen jullie voor en lezen jullie de kinderen tegelijk voor of afzonderlijk?


Groetjes, Esther

maandag 15 september 2014

Waar zijn mijn grenzen?

Het lijkt wel alsof ik dit schooljaar mijn grenzen niet goed weet te vinden. Aan het einde van de schoolweek ben ik echt moe. Ook lichamelijke klachten vertellen mij dat ik te veel heb gevergd van mezelf.
(Ik ben alweer in de valkuil van chocola getrapt, maar dat werkt toch echt averechts. En dat heb ik sinds twee weken weer onder controle – voor zolang als het duurt.)

Ik neem me iedere vrijdag weer voor om de volgende week wél twee middagen naar bed te gaan. Ik geloof dat me dat tot nu toe één keer is gelukt. (En het werkte toen wel!)
Maar die andere weken komt er steeds weer wat tussen. Ik weet dat ik dat zelf doe. Dat ik er zelf voor moet zorgen dat ik wel die rust pak. Dat ik de laptop uit kan zetten, dat die ene boodschap kan wachten, dat de rommel niet wegloopt.


Afgelopen week ben ik – heel bewust – ’s avonds op tijd naar bed gegaan en had me zelfs na het avondeten al bedklaar gemaakt (make-up eraf, makkelijk zittende kleding aan). Ook had ik weer tijd ingeruimd voor een paar yoga-oefeningen voor het slapen gaan.
Toch voelde ik me in de loop van de week steeds wat moeier worden. En toen lag ik dus op vrijdagavond al om half tien in bed en ook zaterdagmiddag heb ik mijn bed opgezocht. Ook schoot de yoga in de loop van de week er toch weer bij in – te moe.

Dat moet toch anders kunnen!


Deze week ga ik het opnieuw proberen. Maandag en vrijdag ga ik overdag even op tuk.

Vaak denk ik dat ik dan – door de middagdutjes – aan minder dingen toe kom. Dat het “zonde van de tijd is”. Maar misschien (of eigenlijk: waarschijnlijk!) is het juist wel andersom: door te rusten krijg ik meer energie en ben ik actiever de rest van de dag en de rest van de week.

Het is eerste tukje heb ik al gehad. Nu de kunst om mijn voornemen door te zetten.


Groetjes, Esther